Stap voor stap je bedrijf startenOnafhankelijk adviesGratis toolsVan idee tot eerste klant
Nieuws

Meer starters, 82 procent zzp: wat zegt dat over jouw opdracht?

KVK telt meer starters, vooral zzp’ers. Wat zeggen die cijfers over jouw opdracht? Met een dossierkaart voor werkafspraken, uitvoering en open vragen.

Gepubliceerd op

Bronnen geraadpleegd · Officiële bronnen en redactionele praktijkvoorbeelden

Een stap verder met je bedrijfHeldere uitleg. Praktisch aan de slag.
In dit artikel 13 onderwerpen

Je hebt een nieuwe opdracht op het oog. De klant wil dat je snel begint, jij wilt weten of de samenwerking past bij je bedrijf. Dan verschijnt een geruststellend nieuwsbericht: het aantal starters groeit en ruim vier op de vijf beginnen als zzp’er. Kennelijk kiezen veel mensen nog steeds voor zelfstandigheid. Maar bij de eerste werkafspraak komt een andere vraag op tafel: wie bepaalt straks eigenlijk je werk?

Op 22 oktober meldt KVK dat Nederland in het derde kwartaal 62.395 startende vestigingen telde. Van die starters viel 82 procent in de categorie zzp. Dat is nieuws over de ontwikkeling van het bedrijfsleven. Het geeft geen oordeel over het contract dat jij morgen krijgt aangeboden. Voor dat oordeel moet je naar de concrete samenwerking kijken. Bron: KVK-persbericht.

De nuttigste reactie op deze cijfers is daarom een gesprek over de opdracht. Wat wordt er geleverd, wie organiseert het werk en welke ruimte heeft jouw bedrijf daadwerkelijk? Hieronder maken we dat gesprek concreet, met een dossierkaart die je samen met je opdrachtgever kunt gebruiken. De kaart helpt feiten verzamelen en tegenstrijdigheden bespreken. Zij geeft geen juridische goedkeuring en kent geen punten waarmee een onduidelijke situatie alsnog zelfstandig wordt.

Wat de nieuwe telling laat zien

Het KVK Trendrapport over het derde kwartaal van 2026 vermeldt 51.077 startende zzp-vestigingen op een totaal van 62.395 starters. Een jaar eerder waren er in totaal 54.092 starters. Dat is een stijging van ongeveer 15 procent, zoals ook het persbericht vermeldt.

Voor de interpretatie zijn de definities minstens zo belangrijk. KVK telt hoofd- en nevenvestigingen. De zzp-categorie omvat zowel parttime als fulltime vestigingen met één werkzame persoon en de rechtsvorm eenmanszaak of bv. Het gaat dus niet om een telling van uitsluitend mensen die voor het eerst voltijds van een zelfstandig bedrijf gaan leven. Ook is dit geen overzicht van alle contracten die zij sluiten.

Het aandeel van 82 procent onder nieuwe vestigingen ligt boven de 69 procent onder alle ingeschreven vestigingen die KVK in het persbericht noemt. Die twee percentages beschrijven verschillende groepen: starters in een kwartaal en de bestaande voorraad vestigingen. Je kunt er niet uit afleiden dat een individuele zelfstandige meer kans heeft op een opdracht, laat staan dat diens arbeidsrelatie juridisch is beoordeeld.

Die beperking maakt de cijfers niet onbruikbaar. Ze laten zien dat zelfstandig beginnen een veelgekozen route blijft. Voor een starter is dat relevante achtergrond bij de markt waarin hij zich begeeft. Wie de stap overweegt, kan er alleen geen vraag naar zijn eigen diensten, verwachte omzet of beschikbare werkruimte bij een klant uit aflezen. Daarvoor zijn gesprekken en eigen informatie nodig.

Een inschrijving vertelt een ander verhaal dan een werkdag

Een Handelsregistergegeven en een opdrachtbeschrijving beantwoorden verschillende vragen. De registratie beschrijft een onderneming of vestiging. De opdrachtbeschrijving hoort te vertellen welke samenwerking partijen aangaan. De werkdag laat vervolgens zien hoe die samenwerking uitpakt. Problemen ontstaan wanneer het eerste document het gesprek over de laatste twee vervangt.

Dat kan heel alledaags beginnen. De klant vraagt een KVK-nummer, een factuuradres en een handtekening. De starter levert die gegevens en denkt dat de zakelijke vorm daarmee geregeld is. Pas daarna blijkt dat de klant iedere week het rooster maakt, verlofverzoeken wil beoordelen of steeds nieuwe taken toewijst. De oorspronkelijke offerte komt nauwelijks meer ter sprake. Dit is een denkbaar verloop, geen vaststelling dat iedere dergelijke afspraak automatisch tot loondienst leidt.

De Belastingdienst vraagt opdrachtgever en opdrachtnemer samen te beoordelen of het werk in loondienst wordt uitgevoerd. Daarbij zijn de mogelijkheid van werkgeversgezag, persoonlijke arbeid en beloning van belang, beoordeeld aan de hand van alle relevante feiten. Ook waarschuwt de dienst dat buiten loondienst werken niet automatisch betekent dat iemand ondernemer is voor de inkomstenbelasting of de btw.

Voor je administratie is dat onderscheid praktisch. Een map met inschrijving en facturen bevat nuttige bedrijfsgegevens. Een map over de samenwerking bevat andere informatie: afspraken over uitvoering, wijzigingsverzoeken, beslissingen over de planning en de afhandeling van fouten. Geen van beide mappen moet je met onnodige documenten vullen. Ze hebben wel elk hun eigen functie.

Waarom de uitvoering zoveel aandacht verdient

In het Deliveroo-arrest van 24 maart 2023 beschrijft de Hoge Raad dat de overeengekomen rechten en verplichtingen moeten worden vastgesteld. Daarna volgt de juridische kwalificatie. Of partijen zelf een arbeidsovereenkomst wilden, bepaalt die kwalificatie niet. De omstandigheden worden in samenhang beoordeeld, waaronder de organisatie van het werk, de beloning, commerciële risico’s en ondernemerschap.

Een contractregel heeft daarbij mede gewicht naar de betekenis die hij voor de werkende werkelijk heeft. Dat is een bruikbare waarschuwing tegen mooie formuleringen zonder praktische invulling. Een vervangingsafspraak is bijvoorbeeld geen bewijs dat vervanging in jouw situatie ook werkelijk kan worden georganiseerd. De concrete omstandigheden blijven belangrijk.

In de Uber-beslissing van 21 februari 2025 bevestigt de Hoge Raad dat tussen de relevante omstandigheden geen vaste rangorde geldt. Ondernemerschap buiten de betrokken opdracht kan meetellen. Daardoor kan hetzelfde werk voor dezelfde opdrachtgever bij verschillende werkenden verschillend worden gekwalificeerd. Dat biedt geen algemene vrijstelling voor mensen met meerdere klanten; alle omstandigheden blijven samen van belang.

Voor een starter volgt hieruit een werkbare aanpak: beschrijf wat er gebeurt voordat je een conclusie probeert te verdedigen. Wie begint met het gewenste antwoord, selecteert al snel alleen de gunstige stukken. Wie de uitvoering beschrijft, ziet eerder waar afspraken ontbreken en waar beide partijen verschillende verwachtingen hebben. Dat levert een beter gesprek op, ook wanneer de uiteindelijke keuze loondienst wordt.

Gebruik de dossierkaart vóór de eerste werkweek

Onze dossierkaart vertaalt het verschil tussen telling, afspraak en uitvoering naar zes gespreksonderwerpen. Je kunt hem gebruiken bij een nieuwe opdracht en opnieuw wanneer het werk verandert. Laat beide partijen eerst afzonderlijk beschrijven wat zij verwachten. Bespreek daarna waar de antwoorden uiteenlopen. Een verschil over wie de planning maakt is waardevoller om te ontdekken vóór de start dan na de derde roosterwijziging.

Dossierkaart: wat weet je over deze opdracht?

Deze kaart helpt opdrachtgever en opdrachtnemer hun verwachtingen, feitelijke werkwijze en ontbrekende informatie naast elkaar te leggen. De uitkomst is een gespreksdossier, geen oordeel of het werk zelfstandig kan worden uitgevoerd.

Methode: we scheiden registratiegegevens, werkafspraken en waargenomen uitvoering en formuleren per onderwerp één concrete vraag en passende vastlegging. De zes onderwerpen zijn een eigen redactionele selectie op basis van het KVK Trendrapport, de uitleg van de Belastingdienst en de Deliveroo- en Uber-uitspraken.

Van landelijk starterscijfer naar feiten over één samenwerking
OnderwerpWat het gegeven zegtWat daarmee openblijftVraag aan elkaarLeg concreet vast
Inschrijving en landelijke telling KVK telt 62.395 startende vestigingen in Q3 2026; 51.077 vallen in de zzp-categorie, afgerond 82 procent. De telling omvat hoofd- en nevenvestigingen en parttime en fulltime. De cijfers beoordelen jouw overeenkomst, inkomstenbelastingpositie en dagelijkse aansturing niet. Welke dienst gaan we hier werkelijk afspreken en uitvoeren? Een korte beschrijving van de opdracht en betrokken partijen. Bewaar de inschrijving als bedrijfsgegeven, met daarnaast afzonderlijk de werkafspraken.
Werk en organisatie Een offerte of taakomschrijving laat zien wat aanvankelijk is afgesproken. Een projectnaam vertelt nog niet wie de dagelijkse taken en werkwijze bepaalt. Wie kiest de aanpak, wie wijst aanvullend werk toe en hoe behandelen we wijzigingen? De oorspronkelijke opdracht, één representatief wijzigingsverzoek en de daarop genomen beslissing. Benoem afwijkingen tussen afspraak en uitvoering.
Tijd en aanwezigheid Een planning of rooster laat verwachte beschikbaarheid zien. Een afgesproken deadline verklaart niet vanzelf wie de werktijd bepaalt of afwezigheid goedkeurt. Welke aanwezigheid is nodig voor de dienstverlening en wie neemt daarover de beslissingen? Overlegmomenten, concrete aanwezigheidseisen en voorbeelden van hoe een wijziging van de planning wordt geregeld.
Prijs, herstel en risico Een prijsafspraak beschrijft de overeengekomen beloning. Factureren of een bedrag per uur afspreken geeft op zichzelf geen volledig beeld van commerciële ruimte of risico. Wat gebeurt er bij meerwerk, een fout, vertraging of een veranderde klantwens? Offerte en scope, de regeling voor correcties en meerwerk en een representatieve afhandeling. Beschrijf wie welke gevolgen draagt.
Ondernemerschap buiten deze klant Bestaande aanbiedingen, acquisitie en andere opdrachten geven informatie over je bedrijf. Het aantal klanten is geen afzonderlijke goedkeuring van deze samenwerking; een voornemen is nog geen gerealiseerde opdracht. Welke ondernemersactiviteiten vinden daadwerkelijk plaats en welke ruimte bestaat daarvoor naast dit werk? Een beknopt overzicht van werkelijke activiteiten en relevante afspraken. Deel geen complete klantdossiers of onnodige persoonsgegevens.
Verandering en vervolg Een eerdere beoordeling beschrijft de toen bekende situatie. Een verlenging kan samengaan met ander werk, andere aansturing of minder eigen ruimte. Wat is veranderd sinds de start en welke vraag vraagt nu nader advies? Datum van bespreking, feitelijke verandering, open vraag en afgesproken vervolgstap. Noteer een verschil van inzicht zichtbaar.

Gebruik: schrijf per rij eerst de huidige praktijk op. Markeer daarna wat nog onbekend is, wat alleen op papier bestaat en waar jullie het oneens zijn. Er zijn geen punten, verkeerslichten of aantallen goede antwoorden. Laat bij twijfel het geheel beoordelen, inclusief feiten die tegen jullie voorkeur pleiten.

Beperking: dit is geen volledige juridische toets, officieel model of fiscaal akkoord. De kaart behandelt niet alle sectorregels, fictieve dienstbetrekkingen of gevolgen voor heffingen en arbeidsvoorwaarden. Een compleet dossier verandert de aard van de samenwerking niet. De voorbeelden en aanbevolen vastlegging zijn eigen redactionele uitwerkingen.

Bronnen bij de kaart, geraadpleegd op 22 oktober 2026: KVK Trendrapport Q3 2026, Belastingdienst: wanneer is er sprake van loondienst?, Hoge Raad: Deliveroo en Hoge Raad: Uber.

De kaart is onze redactionele ordening van relevante vragen. Zij is geen officieel afwegingskader en behandelt niet iedere uitzondering of mogelijke fictieve dienstbetrekking. Een leeg vak is een ontbrekend gegeven, geen gunstig antwoord. Een volle rij met overtuigende documenten levert evenmin automatisch zelfstandigheid op.

Maak bij gebruik onderscheid tussen een bestaande afspraak, een waargenomen gebeurtenis en een voorstel. Schrijf bijvoorbeeld niet dat je vrij bent je tijd in te delen wanneer je dat alleen nog wilt afspreken. Noteer dat de klant wekelijks aanwezigheid verwacht en dat je hierover nog moet overleggen. Het dossier wordt nuttiger naarmate het minder probeert te verkopen.

Fictief voorbeeld: een ontwerper met een duidelijke oplevering

Stel dat een zelfstandige ontwerper voor een kleine winkel een verpakkingslijn gaat ontwerpen. De klant heeft een budget, wil tussentijdse ontwerpen bespreken en moet beoordelen of het resultaat bruikbaar is. De ontwerper maakt een offerte met oplevermomenten en een omschrijving van het werk. Dit is een fictief voorbeeld; we trekken er geen juridisch eindoordeel uit.

Bij de bespreking blijkt dat het woord ‘beschikbaarheid’ voor beiden iets anders betekent. De winkelier bedoelt dat vragen binnen een afgesproken termijn beantwoord worden. De ontwerper dacht dat er iedere dag direct gereageerd moest worden. Ze leggen vast op welke momenten overleg nodig is en hoe spoedvragen worden behandeld. Dat verduidelijkt de dienstverlening, ongeacht de juridische beoordeling.

Ook het begrip ‘herstel’ verdient aandacht. Een aanpassing omdat de ontwerper een verkeerde maat heeft gebruikt, is een andere gebeurtenis dan een nieuw idee van de winkelier na goedkeuring. De partijen beschrijven welke correcties bij de opdracht horen en wanneer een nieuwe prijsafspraak nodig is. Het doel is dat verwachtingen en commerciële afwegingen navolgbaar worden.

In het dossier passen daarom de oorspronkelijke offerte, de overeengekomen specificaties en een paar representatieve wijzigingsverzoeken. Niet ieder bericht hoeft te worden opgeslagen om een grote map te maken. Wel moet zichtbaar zijn hoe beslissingen tot stand komen. De ontwerper bewaart ook de eigen onderbouwing van de prijs, zodat duidelijk is welke werkzaamheden en onzekerheden daarin zijn meegenomen.

Dit voorbeeld laat zien dat een gesprek over zelfstandigheid tegelijk een gesprek over de kwaliteit van je opdracht kan zijn. Onduidelijke grenzen veroorzaken ook zonder een arbeidsrechtelijk geschil extra werk, vertraging en discussie over de factuur. Goede afspraken hebben dus een zakelijke functie die verder gaat dan een eventuele controle.

Fictief voorbeeld: een tijdelijke kracht die in het rooster schuift

Een tweede fictief voorbeeld betreft een kleine dienstverlener die extra capaciteit zoekt. Er ligt geen afzonderlijk project. De eigenaar wil iemand die de komende maanden meedraait met het team en dezelfde dagelijkse taken kan oppakken. Een starter is beschikbaar en stuurt een modelcontract met zijn bedrijfsnaam erboven.

De eigenaar zegt dat de kracht vrij is in zijn werk. Op de eerste dag krijgt die toch een vast rooster en dagelijkse taaktoewijzing. Afwezigheid moet vooraf worden goedgekeurd. De werkende kan weinig aan het dienstenpakket veranderen en heeft geen eigen contact over de voorwaarden met de eindklant. Dit zijn concrete feiten om te onderzoeken; de uitkomst volgt niet uit dit korte voorbeeld alleen.

Hier helpt het weinig om de opdracht op papier alsnog een projectnaam te geven. De echte vraag is welke behoefte het bedrijf heeft. Moet iemand onder de dagelijkse leiding van de eigenaar structureel capaciteit leveren? Of kan een afzonderlijke dienst worden ingekocht waarvoor de uitvoerder daadwerkelijk een eigen werkwijze organiseert? Beide partijen moeten die vraag eerlijk kunnen beantwoorden.

Als de bedrijfsvoering die tweede mogelijkheid niet biedt, is een andere contractvorm bespreken een reële vervolgstap. Dat hoeft geen mislukking van het ondernemingsplan te zijn. De starter kan tot de conclusie komen dat deze klant geen passende zelfstandige opdracht heeft. De eigenaar kan besluiten dat hij meer heeft aan een werknemer of een andere passende vorm van personeelsinzet.

Een dossier is hier vooral nuttig als rem op wensdenken. Het bevat de werkelijke taakverdeling, roosterafspraken en instructies. Het moet ook de ongunstige informatie laten zien. Alleen dan kan een adviseur beoordelen wat er moet veranderen of waarom een andere samenwerking beter past. Een verzameling zorgvuldig gekozen facturen vertelt dat verhaal niet.

Verwar meerdere klanten niet met een oplossing voor elke opdracht

Het klinkt logisch dat een ondernemer met verschillende klanten minder afhankelijk is. Voor je bedrijfsvoering kan spreiding waardevol zijn: als één klant wegvalt, staat niet direct alles stil. Maar de keuze voor spreiding moet je onderscheiden van het oordeel over een bepaalde arbeidsrelatie. De Uber-beslissing geeft ruimte om ondernemerschap buiten de opdracht mee te wegen; zij maakt geen eenvoudig minimumaantal klanten tot beslisregel.

Wie een tweede kleine opdracht aanneemt uitsluitend om een dossier beter te laten ogen, kan daarmee een belangrijkere vraag laten liggen. Hoe werkt de grootste opdracht in werkelijkheid? Welke afspraken kun je uitvoeren, welke beslissingen neemt de klant en wat kan jouw bedrijf zelf veranderen? Een symbolische nevenopdracht beantwoordt die vragen niet.

Voor een starter is het bovendien nuttig om mogelijkheden en gerealiseerde omzet uit elkaar te houden. Een netwerkgesprek is nog geen klant. Een voornemen om diensten aan te bieden is nog geen geleverde opdracht. Je hoeft je situatie niet mooier te maken dan zij is. Beschrijf wat je al doet, welke afspraken je hebt en waar je onderneming nog in ontwikkeling is.

Die nauwkeurigheid helpt ook bij zakelijke beslissingen. Als een opdracht alle beschikbare dagen opeist, ontbreekt misschien tijd voor acquisitie, administratie of opleiding. Dat is eerst een probleem in je bedrijfsplanning. Bespreek welke ruimte je nodig hebt en wat daarvoor contractueel en praktisch mogelijk moet zijn. Een omzetverwachting is pas bruikbaar wanneer je ook de bijbehorende inzet kunt organiseren.

Een beter contract begint bij een beter aanbod

Veel starters bekijken een contract pas nadat de prijs is afgesproken. Daardoor blijven essentiële vragen over tot een moment waarop iedereen haast heeft. Een nuttiger volgorde is eerst het aanbod omschrijven: welk probleem los je op, wat krijgt de klant, wat heb je van hem nodig en wat valt buiten de afspraak? Daarna kun je beoordelen welke samenwerking daarbij past.

Denk bij die beschrijving ook aan veranderingen. Een opdracht kan beginnen met een afgebakende oplevering en later verschuiven naar dagelijks beheer. Dat kan commercieel aantrekkelijk zijn, maar vraagt een nieuw gesprek. De oorspronkelijke opdrachttekst blijft anders een beschrijving van werk dat inmiddels niet meer bestaat.

Leg daarom bij een verlenging vast welke werkzaamheden erbij zijn gekomen en welke afspraken zijn vervallen. Verander geen woorden om de oude conclusie te behouden. Als je een deel van de uitvoering niet meer zelf organiseert, moet dat zichtbaar worden. Omgekeerd kan een losse aanvullende vraag gewoon bij de bestaande dienstverlening passen. De omvang en de praktijk bepalen welke herbeoordeling nodig is.

Een klant hoeft daarbij niet elk organisatorisch detail aan de leverancier over te laten. In een samenwerking bestaan altijd eisen, afspraken en afhankelijkheden. De vraag is hoe die concreet werken. Het helpt om een algemeen woord als ‘zelfstandig’ te vervangen door een beschrijving: wie kan welke beslissing nemen, wanneer is overleg nodig en wie draagt de gevolgen van een wijziging?

De handhaving blijft een afzonderlijke realiteit

Volgens de actuele uitleg van de Belastingdienst over handhaving is het handhavingsmoratorium sinds 1 januari 2025 beëindigd. Bij vastgestelde schijnzelfstandigheid kunnen correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen loonheffingen volgen. Vanaf 2026 zijn vergrijpboetes mogelijk; in 2026 worden nog geen verzuimboetes opgelegd. Dat verschil is belangrijker dan een algemene kop over ‘boetes voor zzp’ers’.

Je kunt uit deze regels niet afleiden dat iedere onduidelijke opdracht onmiddellijk tot een boete leidt. Evenmin is het verstandig een beoordeling uit te stellen omdat er een bepaalde vorm van terughoudendheid bestaat. Dezelfde Belastingdienstpagina vraagt partijen regelmatig te controleren of hun samenwerking nog aansluit bij hun eerdere beoordeling.

Maak daarvan een praktisch moment. Bespreek de feiten wanneer de eerste werkperiode is afgelopen, wanneer er een verlenging komt of wanneer de klant de werkwijze verandert. Dat zijn onze voorgestelde controlemomenten, geen wettelijke kalender. Een afspraak voor volgende maand kan nooit een reden zijn om een duidelijk probleem vandaag te laten voortbestaan.

Wie concrete twijfel houdt, heeft meer aan een adviesgesprek met de relevante stukken dan aan een verzameling online geruststellingen. Neem ook informatie mee die je eigen conclusie tegenspreekt. Vraag welke feiten nog ontbreken en welke gevolgen een andere kwalificatie heeft. Laat een adviseur het geheel beoordelen in plaats van alleen één gunstig geformuleerde clausule.

Wat als de klant vooral eenvoud wil?

Een kleine opdrachtgever heeft vaak weinig tijd voor uitgebreide dossiers. Dat is begrijpelijk. Het is ook een reden om de voorbereiding eenvoudig te maken. Begin met één pagina waarop de werkzaamheden, praktische aansturing, prijsafspraken en open vragen staan. Voeg alleen stukken toe die iets verduidelijken. Een kort, eerlijk overzicht is bruikbaarder dan een dik bestand dat niemand leest.

Spreek vervolgens af wie een ontbrekend antwoord uitzoekt. Als de eigenaar niet kan vertellen hoe de teamleider straks instructies geeft, moet die teamleider bij het gesprek worden betrokken. Als de starter niet weet welke commerciële ruimte hij heeft, moet hij zijn aanbod scherper omschrijven. Het probleem verdwijnt niet doordat beide partijen aannemen dat de ander het wel geregeld heeft.

Dat gesprek mag tot een weigering leiden. Een opdracht die veel omzet belooft maar geen ruimte laat voor de beoogde werkwijze, kan voor een zelfstandig bedrijf ongeschikt zijn. Tegelijk kan een passende samenwerking na verduidelijking juist beter uitvoerbaar worden. De waarde van de voorbereiding zit in het besluit dat je ermee neemt, niet in het aantal verzamelde documenten.

Bewaar daarbij de verhouding. Voor een eenmalige beperkte opdracht kan de praktische vastlegging anders uitpakken dan bij langdurige inzet midden in een organisatie. Dat is geen algemene uitzondering van arbeidsrechtelijke regels. Het is een aanbeveling om het dossier af te stemmen op de feiten en vragen die daadwerkelijk spelen, zonder onnodige persoonsgegevens of complete klantadministraties te kopiëren.

Gebruik het nieuws om een betere vraag te stellen

De nieuwe KVK-cijfers maken duidelijk dat zelfstandig starten een belangrijke plaats houdt in het Nederlandse bedrijfsleven. Ze nemen de onzekerheid van een individuele opdracht niet weg. De waarde voor de starter ligt in de aanleiding om het eigen bedrijfsmodel te onderzoeken: welke dienst bied ik aan, aan wie en onder welke voorwaarden kan ik die werkelijk leveren?

Wie vooral een vast bedrag per maand zoekt en weinig ruimte heeft om het werk zelf vorm te geven, moet dat onder ogen zien. Wie een eigen dienst ontwikkelt, moet kunnen uitleggen hoe die dienst wordt geleverd en waar de afspraken met de klant liggen. Geen van beiden krijgt een antwoord uit het aandeel zzp’ers in het Handelsregister.

Begin daarom bij één opdracht. Vul de dossierkaart met je opdrachtgever in, markeer de punten waar de praktijk afwijkt van de afspraak en spreek af wat er met die verschillen gebeurt. Gebruik de uitkomst om het werk beter te organiseren of een andere vorm te kiezen. De landelijke telling is dan bruikbare context voor een beslissing die uiteindelijk heel dichtbij wordt genomen.

Wil je daarnaast een concreet aanbod voor loondienst vergelijken met je huidige onderneming? In Van zzp naar loondienst: welke zekerheid krijg je echt? bespreken we die andere beslissing. Voor het uitwerken van je zakelijke aanbod kun je verder met een uurtarief bepalen en het op orde houden van je bedrijfsadministratie.

Bronnen en verantwoording

Geraadpleegd op 22 oktober 2026: het KVK-persbericht en het KVK Trendrapport Q3 2026, de Belastingdienstpagina’s over loondienst en handhaving, en de Hoge Raad in Deliveroo, ECLI:NL:HR:2023:443 en Uber, ECLI:NL:HR:2025:319. De dossierkaart en werkwijze zijn eigen redactionele uitwerkingen. De bedrijfssituaties zijn fictieve voorbeelden; er wordt geen individuele arbeidsrelatie beoordeeld.

Je volgende stap begint met overzicht.

Ontdek meer uitleg en praktische hulpmiddelen voor je onderneming.

Meer over nieuws