Stap voor stap je bedrijf startenOnafhankelijk adviesGratis toolsVan idee tot eerste klant
Nieuws

Hogere gasprijs: wat raakt jouw bedrijf deze winter?

Wat raakt een hogere gasprijs in jouw bedrijf? Vijf fictieve winterscenario’s laten zien hoe tarief, verbruik en contractdatum je leveringskosten bepalen.

Gepubliceerd op

Bronnen geraadpleegd · Officiële bronnen en redactionele praktijkvoorbeelden

Een stap verder met je bedrijfHeldere uitleg. Praktisch aan de slag.
In dit artikel 12 onderwerpen

De verwarming gaat weer aan, de deur van de zaak blijft open voor klanten en ergens in je administratie staat nog de energieprijs waarmee je in het voorjaar rekende. Misschien geldt die prijs nog. Misschien loopt je contract in december af. Dat verschil bepaalt hoeveel aandacht het gasnieuws van deze week voor jouw onderneming vraagt.

De NOS meldde op 14 oktober dat de Europese groothandelsprijs die ochtend kort boven 87 euro per megawattuur uitkwam. Het bericht verscheen om 12.01 uur Nederlandse zomertijd. De NOS beschrijft daarmee een waarneming van gisteren; het bedrag is geen actuele koers bij het lezen van dit artikel en geen voorspelling voor de winter.

Voor een ondernemer ontstaat de financiële vraag bij de eigen overeenkomst. Welk tarief betaal je, wanneer kan dat veranderen en hoeveel gas verbruik je daarna? Wie die drie gegevens bij elkaar brengt, kan een bruikbare winterbegroting maken. Ook wanneer de richting van de markt onzeker blijft.

Hieronder werken we vijf fictieve scenario’s uit voor november tot en met maart. Ze laten zien hoe een hoger leveringstarief, minder verbruik en het moment van een tariefwisseling op elkaar inwerken. Het doel is dat je een bedrag kunt onderzoeken en een besluit kunt voorbereiden, met je eigen contract naast de berekening.

Wat de gemelde marktprijs wel laat zien

De NOS koppelt de prijsstijging aan aanvallen op infrastructuur voor vloeibaar gas in het Midden-Oosten. Dat geeft context aan de marktonrust. Voor de planning van een kleine zaak blijft vervolgens de vraag hoe de eigen leveringsovereenkomst door die markt wordt geraakt.

Een beursprijs vraagt altijd om context. Over welk product gaat het, voor welke leveringsperiode en op welk meetmoment? De productspecificatie van ICE voor Dutch TTF-gasfutures beschrijft prijzen in euro per megawattuur en contracten met bepaalde leveringsperioden, waaronder maanden. Zo’n productomschrijving helpt om een marktbericht te lezen.

We hebben daarmee niet vastgesteld dat precies dit ICE-contract de bron is van het door de NOS gemelde bedrag. Het nieuwsbericht specificeert dat instrument en het exacte koersmoment niet. Daarom gebruiken we 87 euro hier uitsluitend als aan de NOS toegeschreven nieuwsfeit. We rekenen het niet om naar een vermeend tarief per kubieke meter voor jouw bedrijf.

Die begrenzing is nuttig. Voor je begroting heb je het bedrag nodig dat jouw leverancier volgens jouw overeenkomst voor gaslevering rekent. Daarnaast moet duidelijk zijn welke kosten daarin zitten. Een offerte met een aantrekkelijk getal kan onbruikbaar zijn voor vergelijking wanneer de ene aanbieder belastingen meeneemt en de andere die apart toont.

Een marktbericht is wel een goede aanleiding om de aannames uit je begroting opnieuw te bekijken. Je hoeft daarvoor geen dagelijkse koersvolger te worden. Een contractdatum, een tariefbericht en een overzicht van het winterverbruik kunnen voor jouw besluit meer opleveren dan een reeks prijsgrafieken zonder aansluiting op je onderneming.

Zoek eerst uit wanneer je tarief kan veranderen

Voor zakelijke afnemers met een kleine aansluiting onderscheidt de ACM vaste, variabele en dynamische contracten. Bij een vast contract blijft het leveringstarief gelijk tot de einddatum. Bij variabel moet vooraf duidelijk zijn wanneer en waarom het kan wijzigen. Dynamische gastarieven veranderen per dag.

Pak je contractbevestiging erbij en noteer de relevante datum in je agenda. Een vast tarief dat de hele komende winter doorloopt, geeft een andere uitgangspositie dan een overeenkomst die vóór de koudste bedrijfsmaanden eindigt. Hetzelfde geldt voor een ontvangen wijzigingsbericht waarvan je het nieuwe bedrag nog niet hebt verwerkt.

Gebruik bij een variabel of dynamisch contract een herkenbare aanname voor de begroting. Bijvoorbeeld het laatst bevestigde leveringstarief, met daarnaast een hoger scenario. Vermeld welke datum bij het bevestigde bedrag hoort. Zo blijft zichtbaar wat je werkelijk weet en welk deel van de berekening een veronderstelling is.

De ACM beschrijft ook extra rechten voor micro-ondernemingen en uitzonderingen bij multisite-contracten. Welke bescherming geldt, vraagt dus om beoordeling van je situatie. We leiden hier geen algemeen opzeggingsrecht uit af. Laat bij twijfel de overeenkomst en je aansluiting beoordelen voordat je een beëindiging of overstap vastlegt.

Bij sommige ondernemingen beheert een franchisekantoor of andere vertegenwoordiger de overeenkomst. Dan moet je eerst weten wie informatie kan opvragen en wie daadwerkelijk mag beslissen. Een losse winkel kan anders al offertes vergelijken terwijl een bestaande groepsafspraak nog niet is uitgezocht. Dat kost tijd en kan verwarring geven over de prijs waarmee je rekent.

Je wintervolume verdient een eigen raming

Een jaartotaal delen door twaalf is gemakkelijk. Voor een pand dat vooral gas gebruikt voor verwarming kan die verdeling slecht aansluiten op de maanden waarin de rekening ontstaat. Begin daarom met de beschikbare meterstanden of het verbruiksoverzicht over dezelfde wintermaanden van vorig jaar. Het is een vertrekpunt dat je kunt aanpassen aan je bedrijfsplannen.

Schrijf bij die aanpassing op wat er verandert. Ben je langer open? Heb je een extra ruimte in gebruik genomen? Is een installatie vervangen? Voor een starter zonder vergelijkbare historie zijn dat lastige vragen. Vraag beschikbare pandgegevens op en houd een ruimere onzekerheidsmarge aan. Geef een schatting geen schijn van nauwkeurigheid door er veel decimalen achter te zetten.

Ook een ondernemer met goede historie kent het komende weer en de bezetting niet. Daarom is het verstandig om naast het verwachte verbruik een lager en een hoger volume door te rekenen. Dat hoeft geen ingewikkeld model te zijn. Het laat vooral zien of een afwijking past binnen het geld dat je voor de winter beschikbaar hebt.

Let vervolgens op de tariefperioden. Loopt een overeenkomst halverwege de winter af, dan weet je nog niet dat de helft van het gas tegen het oude tarief wordt geleverd. De kalenderhelft en de verbruikshelft kunnen verschillen. Verdeel het geraamde volume over de perioden waarin elk tarief geldt, op basis van je beste beschikbare informatie.

Zet bij iedere raming een datum en een korte toelichting. Daarmee kan een collega of boekhouder later begrijpen waarom je een bepaald bedrag reserveerde. Je voorkomt ook dat een oude schatting ongemerkt blijft staan nadat je een nieuwe meterstand of offerte hebt ontvangen.

Maak daarbij onderscheid tussen een ontbrekend gegeven en een gegeven dat werkelijk onzeker is. Een vergeten contractdatum kun je opzoeken. Het toekomstige weer blijft onzeker. Dat verschil helpt om je tijd te besteden: eerst de informatie verzamelen die al bestaat, daarna scenario’s gebruiken voor wat je nog niet kunt weten. Wie alles als onzeker beschouwt, kan onnodig blijven wachten met een berekening die voor een groot deel vandaag al te maken is.

Vijf scenario’s voor je winterkosten

Fictief rekenvoorbeeld: alle volumes en tarieven zijn aannames, geen marktprijzen of prognoses. De gekozen periode is 1 november 2026 tot en met 31 maart 2027. Alle bedragen hieronder betreffen uitsluitend de variabele leveringskosten voor gas, vóór belastingen en btw. Vaste vergoedingen en netbeheerkosten zijn uitgesloten. Dit is dus geen berekening van de totale energiefactuur.

Leveringskosten = de som van het gasverbruik per tariefperiode maal het bijbehorende leveringstarief.

We vergelijken ieder scenario met een fictieve begroting van 6.000 m³ tegen € 0,50 per m³: € 3.000. Het hogere fictieve tarief is € 0,80 per m³. Bij twee tariefperioden tellen we de afzonderlijk berekende leveringskosten op. De invoer staat ook in de downloadbare CSV met alle scenario’s.

Eigen scenariovergelijking voor 1 november 2026 tot en met 31 maart 2027. Fictieve volumes en leveringstarieven; verschillen ten opzichte van € 3.000 begrote variabele leveringskosten.
ScenarioGasvolume en fictief tariefVariabele leveringskostenVerschil met begroting
Begroting6.000 m³ × € 0,50/m³€ 3.000€ 0
Hoger tarief, hetzelfde volume6.000 m³ × € 0,80/m³€ 4.800+ € 1.800
Hoger tarief, 10% minder volume5.400 m³ × € 0,80/m³€ 4.320+ € 1.320
De helft van het volume tegen elk tarief3.000 m³ × € 0,50/m³ + 3.000 m³ × € 0,80/m³€ 3.900+ € 900
Hoger tarief, 10% meer volume6.600 m³ × € 0,80/m³€ 5.280+ € 2.280

De gemengde rij veronderstelt dat precies de helft van het volume tegen elk tarief wordt afgerekend. Dat is geen aanname dat de helft van de maanden dezelfde helft van het verbruik vertegenwoordigt. Vul voor je eigen bedrijf de volumes per werkelijke tariefperiode in.

De rekenwijze sluit aan op de contractonderscheiden uit de zakelijke uitleg van de ACM. De gekozen getallen zijn door de redactie opgesteld als voorbeeld. Ze komen niet uit die bron of uit een onderzoek onder bedrijven.

Het model maakt twee effecten apart zichtbaar. Bij hetzelfde volume voegt het fictieve hogere tarief € 1.800 toe aan de leveringskosten. Tien procent minder verbruik verlaagt de uitkomst vervolgens met € 480, van € 4.800 naar € 4.320. Er blijft in dat scenario € 1.320 verschil met de oorspronkelijke begroting over.

Die € 480 is een rekenkundige uitkomst binnen deze aannames. Het is geen belofte dat jouw bedrijf tien procent kan besparen en evenmin tien procent korting op de totale factuur. De uitgesloten kosten moet je afzonderlijk toevoegen om de betaalbaarheid van de hele rekening te beoordelen.

Je kunt dezelfde formule op kleinere volumes toepassen: bij een tariefverschil van € 0,30 per m³ kost elke 1.000 m³ in deze fictieve vergelijking € 300 extra aan gaslevering. Daarmee kun je snel onderzoeken welk volumeverschil voor jouw reserve betekenisvol is, zonder het nieuwsbedrag uit de groothandelsmarkt te gebruiken.

Zet kosten en betaalmomenten naast elkaar

Een winterbegroting gaat over de kosten die je verwacht. Een planning van je bankrekening gaat over het moment waarop je betaalt. Die twee overzichten verdienen naast elkaar een plaats. Noteer wanneer voorschotten worden afgeschreven, wanneer een afrekening wordt verwacht en welke bedragen nog onzeker zijn.

Vraag bij een aangepast voorschot waarop de leverancier het baseert. Verandert het geraamde verbruik, het tarief of beide? Een lager voorschot kan prettig ogen in een krappe maand, terwijl de onderliggende kostenraming niet is gedaald. Bewaar daarom de berekening achter het betaalbedrag. Dan kun je zien of je een kostendaling verwacht of alleen later betaalt.

Verdeel een mogelijke tegenvaller ook over de maanden waarin je ruimte nodig hebt. De extra € 1.800 uit ons fictieve scenario zegt op zichzelf onvoldoende over je laagste banksaldo. Misschien komt een grote klantbetaling pas na de winter binnen, of staat juist in januari een andere vaste uitgave gepland. De volgorde van die betalingen kan de benodigde buffer bepalen.

Voor dit werk helpt de aanpak uit je bedrijfsfinanciën op orde houden. Gebruik één actueel overzicht waarin de energieaanname herkenbaar staat. Tel een algemene reserve en een afzonderlijk gereserveerd energiebedrag niet ongemerkt twee keer mee als beschikbaar geld.

Spreek een grens af waarop je opnieuw naar de planning kijkt. Dat kan een ontvangen tariefbericht zijn, een afwijkend verbruik of een verwacht banksaldo dat onder je eigen minimum komt. Kies een signaal waarop je kunt handelen; een vage afspraak om de markt in de gaten te houden verdwijnt gemakkelijk tussen het dagelijkse werk.

Geef de verschillende posten een herkenbare naam. Een reservering voor een nog te ontvangen afrekening heeft een ander doel dan geld voor een mogelijke installatieaanpassing. Wanneer beide in één algemeen potje verdwijnen, kun je dezelfde euro onbedoeld voor twee beslissingen beschikbaar houden. Bespreek ook wie een reservering mag bijstellen. Zo voorkom je dat een optimistischer verbruiksraming direct leidt tot een nieuwe uitgave voordat de onderbouwing van die raming is bekeken.

Fictieve situatie: een salon met veel klanturen

Stel een kleine kapsalon voor die vijf dagen per week open is. De onderneming en de situatie zijn fictief. De eigenaar wil klanten comfortabel ontvangen en gebruikt warm water bij behandelingen. Het vaste leveringstarief loopt tijdens de winter af, maar de offerte voor de volgende periode is nog niet gekozen.

De eerste stap is een uitsplitsing van het geraamde gasvolume vóór en na de contractdatum. De eigenaar gebruikt daarvoor beschikbare metergegevens en noteert welke openingstijden bij die historie horen. Pas daarna vult zij een tariefscenario in. Ze kan zo zien hoeveel extra geld een hoger tarief voor het resterende volume zou vragen.

Vervolgens bekijkt ze de werkdag. Staat de verwarming op dezelfde tijden ingesteld als vóór de gewijzigde openingstijden? Wordt een afgesloten voorraadruimte op dezelfde manier verwarmd als de behandelruimte? Dat zijn vragen voor een controle van de regeling, samen met iemand die de installatie kent. Ze rechtvaardigen geen ingreep die hygiëne, comfort of veilig gebruik van warm water aantast.

Bij een ontvangen offerte vergelijkt de eigenaar dezelfde kostenonderdelen en dezelfde periode. Ze zet naast het verwachte bedrag ook het bedrag bij meer verbruik. Haar keuze hangt mede af van de reserve die de salon kan dragen en de behoefte aan voorspelbaarheid. Het rekenmodel schrijft haar geen contractvorm voor.

Tot slot plant ze een nieuw controlemoment na de eerste volledige wintermaand. De werkelijke meterstand helpt dan om de volumeraming te verbeteren. Als die afwijkt, onderzoekt ze eerst waarom: meer klanturen, ander weer of een instelling die niet klopt vragen elk om een andere reactie.

Fictieve situatie: een kantoor dat energie via de huur betaalt

Een tweede fictief bedrijf is een organisatieadviesbureau met drie medewerkers. Het huurt een kantoorruimte in een gedeeld pand en betaalt een voorschot voor servicekosten. Het bureau ontvangt zelf geen gasleveringsfactuur. Een bericht over de gasmarkt vertelt daardoor nog weinig over de aanpassing die het in zijn planning moet maken.

De eigenaar vraagt de beheerder welke overeenkomst en verbruiksperiode achter de servicekosten zitten. Verder wil hij weten hoe kosten over de huurders worden verdeeld en wanneer een afrekening volgt. Hij legt de antwoorden naast de eigen huurovereenkomst. In deze situatie is de verdeling minstens zo belangrijk voor de raming als het leveringstarief.

Een aanpassing in één kamer hoeft niet evenredig terug te komen op de rekening van deze huurder. Dat hangt af van de meet- en verdeelwijze. Daarom vraagt het bureau vooraf wat een lokale maatregel voor zijn kosten kan betekenen. Deze analyse geeft geen oordeel over welke servicekosten juridisch in rekening mogen worden gebracht; dat vereist de overeenkomst en de concrete afrekening.

De medewerkers kunnen wel melden wanneer ruimtes leegstaan en welke instellingen afwijken van het werkrooster. De beheerder beoordeelt of de centrale installatie daarop kan worden aangepast. Zo worden observaties bruikbaar zonder dat iedere huurder zelf aan een gedeeld systeem gaat sleutelen.

Het bureau houdt in zijn planning een afzonderlijke post voor de nog onzekere afrekening. Zodra de beheerder een onderbouwde raming verstrekt, vervangt het die aanname. De vraag aan de leverancier uit het salonvoorbeeld wordt hier dus een vraag aan de partij die de kosten beheert en verdeelt.

Zoek besparing die past bij de bedrijfsvoering

De RVO beschrijft bij energiegebruik de volgorde meten, besparen en slim sturen. Dat stappenplan is gericht op netcongestie en elektriciteit. De werkwijze om eerst je verbruikspatroon te onderzoeken is ook een bruikbaar vertrekpunt voor een eigen gasanalyse; de bespaareffecten moet je apart vaststellen.

De RVO-infographic met maatregelen op korte termijn noemt voor verwarming onder meer passende bedrijfstijden, regeling per ruimte en afstemming van de installatie. Het zijn aanknopingspunten voor een technische beoordeling. Welke maatregel geschikt is, hangt samen met het gebouw, de installatie en wat er binnen gebeurt.

Begin met één concrete waarneming. Bijvoorbeeld dat de installatie op een vaste vrije dag hetzelfde programma draait als op een werkdag. Laat beoordelen of en hoe dat verantwoord kan worden aangepast. Leg daarna vast wat er is veranderd en vergelijk het verbruik met aandacht voor bezetting en omstandigheden. Een daling na een warme week bewijst op zichzelf geen effect van de ingreep.

Beperk ventilatie, proceswarmte of warmwaterinstellingen niet op eigen gezag om een rekendoel te halen. De technische eisen, gezondheid, productkwaliteit en veiligheidsinstructies blijven onderdeel van de afweging. Een maatregel die een storing of onbruikbaar werkklimaat veroorzaakt, kan de bedrijfsvoering juist duurder maken.

Onderzoek ook wat een investering praktisch vraagt. Naast de aanschafprijs kunnen uitvoering, afstemming met een verhuurder en hinder tijdens openingstijden belangrijk zijn. Laat een onderbouwde besparingsraming zien met de aannames erbij. Het fictieve tienprocentscenario hierboven is een gevoeligheidsberekening en kan zo’n technische raming niet vervangen.

De energiebesparingsplicht vraagt een afzonderlijke controle

Voor de wettelijke plicht zijn andere gegevens nodig dan voor ons wintermodel. De RVO noemt locaties met een relevante milieubelastende activiteit én een jaarlijks verbruik vanaf 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ aardgas(equivalent). Activiteiten en gebouw kunnen bovendien verschillende verantwoordelijken hebben.

De 6.000 m³ uit ons voorbeeld betreft een fictieve winterperiode en alleen gas. Je kunt daaruit dus niet afleiden dat een onderneming buiten de plicht valt. Het jaarlijkse elektriciteitsverbruik, de afbakening van de locatie en de activiteiten ontbreken. Gebruik de officiële uitleg om de toepasselijkheid afzonderlijk te onderzoeken.

Houd ook het doel van de berekeningen uit elkaar. Dit artikel onderzoekt de financiële gevoeligheid van een aanname. Voor de wettelijke terugverdientijd verwijst RVO naar een voorgeschreven methode en voorgeschreven energieprijzen. Een zelfgekozen hoog scenario uit je winterbegroting vervangt die beoordeling niet. Leg bij twijfel de locatiegegevens voor aan een deskundige die het toepasselijke kader kan beoordelen.

Maak het gesprek met je leverancier concreet

Een leverancier kan gerichter antwoorden wanneer je de betreffende overeenkomst, aansluiting en periode benoemt. Vraag welk leveringstarief op je huidige verbruik van toepassing is, wanneer dat kan veranderen en welke kosten apart blijven. Vraag ook welke gegevens zijn gebruikt voor een voorgesteld voorschot. Bewaar het antwoord bij de contractinformatie.

Vergelijk offertes vervolgens op een gelijke grondslag. Gebruik hetzelfde eigen volume en dezelfde periode, met een afzonderlijke regel voor de kosten die ons model uitsluit. Controleer voorwaarden die betekenis hebben wanneer je verhuist, stopt of eerder zou willen wisselen. Een korte offerte kan belangrijke verschillen pas in de bijlagen uitleggen.

Bij een onduidelijke verkoopbelofte is een schriftelijke toelichting vóór ondertekening nuttiger dan een veronderstelling achteraf. Vraag wat een genoemde zekerheid precies dekt en welk onderdeel kan wijzigen. Als je rechten wilt inroepen of beëindiging overweegt, laat de concrete situatie beoordelen. De keuze voor een contract is tegelijk een financiële en contractuele afweging.

Werk je met een boekhouder, geef dan de aannames mee in plaats van alleen de laatste afschrijving. Een overzicht uit je digitale administratie kan contracten, tariefberichten en betaalmomenten bij elkaar houden. Wijs iemand aan die een nieuw bericht verwerkt, zodat de raming ook verandert wanneer de eigenaar een week afwezig is.

Beslis hoeveel onzekerheid je bedrijf kan dragen

Een vaste prijs kan aantrekkelijk zijn voor een bedrijf met weinig ruimte voor afwijkingen. Een ondernemer kan tegelijk redenen hebben om flexibiliteit te willen behouden, bijvoorbeeld bij een onzeker gebruik van het pand. Welke afweging zwaarder weegt, kun je pas beoordelen met de offerte, voorwaarden, volumeraming en beschikbare reserve naast elkaar.

Kijk daarom eerst naar de gevolgen binnen je eigen begroting. Past het hogere scenario nog in de winterplanning? Zo niet, welke aanvullende informatie of maatregel is nodig voordat je een keuze maakt? Onderzoek waar je invloed op hebt en wat je voorlopig als onzekerheid moet laten staan. Een scenario is bruikbaar wanneer het een vervolgstap zichtbaar maakt.

Leg bij een besluit vast welke andere mogelijkheid je hebt overwogen en waarom die minder goed paste. Misschien weegt een voorspelbaar bedrag voor jouw bedrijf zwaar, terwijl een ander bedrijf een ruimere reserve heeft om schommelingen op te vangen. Daarmee is nog niet bepaald welk aanbod financieel het voordeligst zal uitpakken. Je beschrijft de afweging die je met de beschikbare informatie maakt. Dat helpt later om het besluit eerlijk te beoordelen, zonder achteraf te doen alsof de toekomstige prijs al bekend was.

Hogere energiekosten kunnen uiteindelijk ook je prijzen en marge raken. Daarover gaat onze analyse van inflatie en prijsbeleid. Voor de winterplanning begint het werk eerder: bepalen welke kosten bij jouw contract en verwachte verbruik horen. Daarmee voorkom je dat een algemene prijsontwikkeling direct wordt vertaald naar een onbewezen percentage voor je eigen zaak.

Je hoeft na het nieuws van gisteren de winter niet te kunnen voorspellen. Je kunt wel zorgen dat de eerstvolgende tariefdatum bekend is, het verwachte volume is onderbouwd en een mogelijke tegenvaller een plaats heeft in je planning. Dat maakt een onzeker bericht hanteerbaar tijdens een gewone werkdag.

Bronnen en verantwoording

De bronnen hieronder zijn geraadpleegd op 15 oktober 2026. De nieuwsaanleiding is de NOS-publicatie van 14 oktober 2026 om 12.01 uur CEST. Het daarin genoemde groothandelsbedrag is geen hier geverifieerde actuele beurskoers. Het precieze instrument en meetmoment zijn in het bericht niet gespecificeerd. De ICE-specificatie is uitsluitend gebruikt om het onderscheid tussen een beursproduct en een eigen leveringsovereenkomst toe te lichten.

De vijf scenario’s, de salon en het adviesbureau zijn fictief. Volumes en tarieven zijn aannames; de berekeningen zijn eigen redactionele uitwerkingen, geen onderzoek of besparingsprognose. De aanbevelingen over planning en informatiebeheer zijn praktische redactionele afwegingen. De contract- en verplichtingenpassages gebruiken actuele officiële uitleg, zonder een individueel contract of een specifieke locatie juridisch te beoordelen.

Je volgende stap begint met overzicht.

Ontdek meer uitleg en praktische hulpmiddelen voor je onderneming.

Meer over nieuws